|
Contactcenters beloven tot 50.000 banen
Meer flexibiliteit, meer opleiding, meer banen?
Tussen dertig- en vijftigduizend banen: dat is de wortel die de
sector van de contactcenters de nieuwe nog te vormen regeringscoalitie
voorhoudt. Om daarin te mogen bijten, moeten er op beleidsvlak
wel eerst een aantal zaken veranderen. Op de verschillende onderwijsniveaus
moet er een opleiding komen die gericht is op deze branche en
er is nood aan een grotere wettelijke ruimte voor flexibiliteit.
Wim Boonen
Momenteel werken er in België reeds 35.000 mensen in de sector
van de coördinatiecentra, distributie-, service- en callcenters.
Dit is 0,8 percent van de actieve beroepsbevolking, zo blijkt
uit een studie die Forum 187, de federatie van deze centra, bij
Deloitte Consulting bestelde. Daarmee scoort ons land lager dan
het Europese gemiddelde van 1,2 percent. In landen waar deze sector
al tot volle ontwikkeling is gekomen, zoals Ierland of het Verenigd
Koninkrijk, werkt zelfs 2 percent van de bevolking hierin.
Er is dus nog heel wat groeipotentieel, zo stellen de onderzoekers. “Verwacht wordt dat de Europese markt de komende jaren nog
verder zal groeien, zodat gemiddeld 1,6 percent van de Europese
beroepsbevolking in deze sector zal werken”, vertelt Didier
Onghenaert, senior manager bij Deloitte Consulting. “Ook
in ons land is er groei mogelijk. Wij hebben daar enkele berekeningen
over gemaakt. In het meest pessimistische scenario, waarbij België
naar het huidige Europese gemiddelde van 1,2 percent evolueert,
zullen er 17.000 jobs bijkomen. In het meest optimistische zullen
er dat 53.000 zijn.” Onghenaert verwijst daarbij naar de
situatie bij de koplopers.
Handicaps en troeven
In vergelijking met die koplopers kampt België op dit moment
met een aantal handicaps. Onze arbeidswetgeving is restrictiever
en de loonkosten liggen hier hoger. “Maar het belang van
dat laatste punt zal verminderen naarmate de vereiste competenties
bij de contactcentermedewerkers hoger worden. Wij moeten onze
andere troeven uitspelen.” En die heeft ons land zeer zeker
én ze zijn bovendien moeilijk te kopiëren. “In
vergelijking met de koplopers beschikken we over nog heel wat
gekwalificeerde mankracht, mensen met een goede talenkennis. Ook
onze centrale ligging is een voordeel, want steeds vaker worden
contactcenters gekoppeld aan logistieke centra.”
Toch kampen de contactcenters nog steeds met een slecht imago. “Maar de tijd dat een medewerker van een callcenter je ’s
avond een leren fauteuil probeerde aan te smeren, ligt al even
achter ons. Vandaag zijn de uitdagingen voor een contactcentrumoperator
veel groter. Steeds vaker staan deze centers centraal in de onderneming
omdat ze de contacten intern en naar buiten verzekeren.” Dat maakt dat de eisen die gesteld worden aan de operatoren, ook
groter worden.
Maar wil de sector echt sterk kunnen doorgroeien, zal de overheid
volgens Forum 187 toch een aantal zaken moeten aanpakken, zo stelde
het in een onlangs gepubliceerd memorandum aan de politieke wereld.
Naast het promoten van onze troeven in het buitenland, moeten
de centers hun arbeidstijd flexibeler kunnen organiseren en moet
het opleidingsaanbod verruimd worden. Onghenaert: “Zonder
diploma is het moeilijk tot een erkenning te komen van het werken
in een contactcenter als een normaal beroep. Bovendien wordt het
beroep van contactcenteroperator almaar complexer, wat maakt dat
er nood is aan opleidingen op verschillende niveaus. Er bestaan
weliswaar nu al een aantal cursussen, onder andere van Cevora
en de VDAB, maar die initiatieven zijn nog te beperkt.”
Didier Onghenaert verwijst naar de situatie in sommige van de
ons omringende landen. “In Frankrijk heb je zelfs graduaat-
en universitaire opleidingen, gericht op de sector van de contactcenters.”
Zon- en feestdagen
Ook op wettelijk vlak moet er wat bijgeschaafd worden, zodat de
contactcenters soepeler kunnen werken, al beseft de sector zich
daarmee op gevoelig terrein te begeven. Momenteel is nachtarbeid
en werken op zon- en feestdagen in principe verboden. “Wij
stellen voor om de contactcenters op te nemen in de lijst van
uitzonderingen voor het verbod op arbeid tijdens de nacht en tijdens
zon- en feestdagen”, vertelt Dominique Piret, senior attorney
bij Linklaters De Bandt, een advocatenkantoor dat mee aan het
memorandum werkte. “Bovendien wensen wij de verruiming van
de definitie van ploegenarbeid, zodat dit systeem ook in contactcenters
toegepast kan worden. Dit, en een aanpassing van het arbeidsreglement
moet voor de nodige flexibiliteit zorgen.” Dit betekent
volgens Forum 187 niet dat er niet meer onderhandeld moet worden,
alleen zouden die onderhandelingen dan op het niveau van de onderneming
plaatsvinden.
Maar momenteel bestaan er toch ook contactcenters die zeven dagen
op zeven, 24 uur per dag draaien? “Inderdaad”, geeft
Vincent Vanden Bossche, knowledge manager van Forum 187 toe, “maar
daarvoor moet je momenteel zeer creatief zijn op het vlak van
organisatie en onderhandelen. Wij willen een algemene oplossing.”
KADERSTUK
Werken in een contactcenter wordt onderschat:
“Voor het rekruteren van agenten en teamleaders voor ons
contactcenter blijven we gehandicapt”, vertelt Isabella
Namèche, CEO van Brucall. “We zoeken vooral graduaten
of mensen met een diploma middelbaar en de juiste mentaliteit.
Maar nog regelmatig krijgen we hier mensen die deze job zien als
een laatste optie, een overgangsperiode of iets dat ze combineren
met een tweede job. Gelukkig is er stilaan een tegenstroom van
gemotiveerde mensen die wel wat zien in het carrièrepad,
het loon en de opleidingsmogelijkheden. Maar wij zijn een jonge
sector en de overgang zal nog wel wat tijd in beslag nemen.”
Isabella Namèche ziet hier ook een taak weggelegd voor
het onderwijs. “Wij kunnen de volledige opleiding van onze
mensen niet overdoen. Het zou goed zijn als in het middelbaar
en hoger onderwijs een module zou bestaan met speciale aandacht
voor zaken als schriftelijke en telefonische communicatie, talen,
informatica en telemarketing. Je kan toch ook tot mecanicien opgeleid
worden.”
Maar lonen die overheidsinvesteringen wel, gezien het hoge verloop
in de sector? Een recente Vlerick-studie had het over jaarlijks
31 percent. “Los van het feit dat je voorzichtig moet zijn
met dat soort van cijfers, moet je je de vraag stellen naar het
waarom van dat hoge verloop. Dat het beroep nog steeds niet erkend
is, heeft daarmee zeker te maken, maar ook het feit dat mensen
het werken in een contactcenter onderschatten.”
KADERSTUK
1207: geen vragende partij
“Bij de inlichtingendiensten zijn we niet meteen vragende
partij voor meer wetgeving op vlak van flexibiliteit of opleiding,
maar wij onderschrijven het memorandum van Forum 187 wel.”
Aan het woord is Frédéric Devroye, operations director
van de inlichtingendiensten van Belgacom, beter gekend als 1207.
“Wij werken weliswaar 24 uur op 24 en zeven dagen op zeven,
maar dat is geregeld via een CAO op bedrijfsniveau.”
Problemen om operatoren te vinden, kent Devroye niet. “Wij
werven weinig aan, omdat er genoeg volk aanwezig is binnen Belgacom.
Toch hebben we onlangs een aantal mensen aangeworven. Een bijkomend
voordeel is dat onze contactcentra over heel Vlaanderen verspreid
liggen. We zoeken ook geen hooggekwalificeerde, meertalige mensen.
Ze moeten vooral flexibel en vriendelijk zijn. Ook een goede kennis
van de Belgische aardrijkskunde en van de spelling van namen is
belangrijk.”
Voor de opleiding van de 1207-operatoren zorgt Belgacom zelf. “Ze moeten in de eerste plaats leren empathisch met de klant
om te gaan en accenten en rare woorden vermijden. Daarnaast moeten
ze veel leren over onze systemen en database. Toch kan de opleiding
beperkt blijven tot zo’n drie dagen. We hebben immers het
grote voordeel dat een beginnende operator de ingewikkeldere gevallen
kan doorschakelen naar een expert.”
|
|